Archives for november 2011

Live: Cicero Toernooi

In het zonnige en relatief bereikbare Brabant vindt vandaag het eerste Nederlandstalige open toernooi van het jaar plaats.

Er zijn ervaren oude rotten, mensen die nog niemand kennen en koekjes. Het toernooi mag beginnen!

Na een gepaste 45 minuten opent CA Tomas Beerthuis het toernooi. Naast de gebruikelijke
aankondigingen zijn er dit jaar ook “fictional slides” of situational stellingen.

De stelling voor ronde 1 luidt: Deze Kamer vindt dat Amerikaanse politieke partijen hun primaries op 1 nationale dag moeten organiseren.

Lees Verder

AP voor de (debat)adel, BP voor het volk

Zet een groep debaters bij elkaar en je krijgt vanzelf op een gegeven moment een discussie wat het beste format om in te debatteren. Is het ideale format nou AP [Amerikaans Parlementair, Red] of BP [Brits Parlementair, Red]? In deze driedelige reeks geven drie vooraanstaande Nederlandse debaters hun visie hierop. Vandaag doet Micha Beekman als laatste een duit in het zakje.

Als iemand die recent uit het Engelse Intervarsity-circuit naar Nederland is teruggekeerd herken ik veel van de observaties van Danique. Ik denk ook dat het geen steekhoudende argumenten zijn in een discussie over debatvormen. Danique verwart namelijk de Nederlandse studentendebatcultuur met de vormeigen elementen van AP. Dat men zich vaak beperkt tot weinig creatieve ‘standaardargumentatie’, en dat zelden een principiële zaak wint van een praktisch bezwaar zijn typisch voor het Nederlandse debat. Ongeacht de vorm waarin dat plaatsvindt, zo hebben een reeks Nederlandtalige BP-toernooien mij geleerd. (Overigens zijn beide opmerkingen niet uitsluitend negatief: ‘creatief’ voor de één is synoniem voor ‘irrelevant’ voor de ander, en je kan ook doorslaan met het laten winnen van principiële zaken, zoals in de Ierse debatcultuur het geval is.)

Lees Verder

“Float like a butterfly, sting like a bee”

Zet een groep debaters bij elkaar en je krijgt vanzelf op een gegeven moment een discussie wat het beste format om in te debatteren. Is het ideale format nou AP [Amerikaans Parlementair, Red] of BP [Brits Parlementair, Red]? In deze driedelige reeks geven drie vooraanstaande Nederlandse debaters hun visie hierop. Vandaag als tweede en reagerend op Danique: Daniël Schut!

Snel, scherp, to the point: dat is Nederlands Parlementair (NP). Direct een debat bij het nekvel grijpen, zonder dralen de tegenstander de doodsteek toebrengen. Één misplaatst argument, één niet-onderbouwde bewering en BAM!: je verliest.

Tegenwoordig hangen debaters de nieuwe Rawls of Nozick uit. Want dát, dicteert Danique in haar rijpe wijsheid, is ‘waar debatteren om zou moeten draaien’: “gedachten experimenten uitvoeren” (sic!), op basis van “logica” (hoewel ethiek zich niet verdraagt met logica), zodat we juist niet kunnen waar de maatschappij, zoals Danique zelf stelt, wél om vraagt: scherpe zinnen formuleren die het hart van een politieke kwestie raken.

Het oude NP is beter dan BP en wel hierom:

Lees Verder

AP? The fossils of the 90s have come alive in Amsterdam

Zet een groep debaters bij elkaar en je krijgt vanzelf op een gegeven moment een discussie wat het beste format om in te debatteren. Is het ideale format nou AP [Amerikaans Parlementair, Red] of BP [Brits Parlementair, Red]? In deze driedelige reeks geven drie vooraanstaande Nederlandse debaters hun visie hierop. Vandaag als eerste: Danique van Koppenhagen!

Toen ik Manos Moschopoulos vroeg naar zijn mening over AP en BP, was bovenstaande titel het letterlijke antwoord wat ik kreeg. En niet zo stiekem ben ik het wel met hem eens: AP als format is behoorlijk outdated binnen het wedstrijddebat, zowel nationaal als internationaal.

De discussie over BP en AP wordt in Nederland jaarlijks meerdere malen gevoerd. Vooral als blijkt dat een vereniging wisselt van format op hun toernooi is het commentaar vaak behoorlijk heftig. Vorig jaar heb ik als convenor van het DTU, in overleg met het CA-team, ervoor gekozen om het voortaan in BP te organiseren. Het commentaar was niet van de lucht. Toch ben ik ervan overtuigd dat BP om verschillende redenen een beter format is.

Lees Verder

Live: Cambridge IV

Na het Nederlandse succes van vorige week op Oxford zitten er ook nu weer een aantal Nederlandse teams klaar op Cambridge!

Utrecht A – Danique van Koppenhagen, Tomas Beerthuis
Utrecht B – Floor de Jager, Alex Klein
Utrecht C – Arielle Dundas, Heleen van ’t Spijker
Utrecht D – Yutao Gui, Valerie Schulte Nordholt
Leiden A – Menno Schellekens, Thom Whetzer
UCU A – Karl Heimann, Chi Che
UCU B – Joost Meulendijks, Rens Bakker
UCU C – Anton Stam, Vivian van Weperen

Ook deze week zullen zij de eer van Nederland hoog houden. Het is inmiddels kwart voor vijf hier, en over een kwartier zou de briefing moeten beginnen. De teleurstelling bij Tomas is groot nu de bar in de Union al dicht blijkt te zijn, waardoor hij geen chocolate-fudge kan krijgen. Danique is al enige malen beticht van het vergiftigen van de competitie met haar grote zakken drop (vooral de Ieren en Britten vinden dit zwarte goedje niet zo lekker) en de welbekende SevenTwenty-redacteur Alex Klein is voor de zekerheid de Equity guidelines aan het doorlezen.

Lees Verder

Casefile: ouders, kinderen en de staat

Reinier de Adelhart Toorop schreef een casefile met een uitgebreide analyse over de rol van ouders, kinderen en de staat in debatten.

Op bijna elk toernooi komt wel een stelling voorbij over wat ouders met hun kinderen mogen doen en/of wat zij voor hun kinderen mogen bepalen. Denk aan:  Deze Kamer verbiedt de pedagogische tik, Deze Kamer verplicht ouders hun kinderen in te enten en Deze Kamer verbiedt thuisonderwijs.

Het gaat hier meestal om zaken waarvan de meerderheid van het land zal denken dat het niet goed voor het kind is. Aan de andere kant zullen de ouders vaak culturele of religieuze redenen hebben om het juist wel te willen. Mogen zij dan hun zin doordrijven of moeten zij zich aanpassen?

Hieronder zal ik een redenatielijn beschrijven die deels zeer voor de hand ligt en voor een ander deel absoluut aanvalbaar is. Maar ik heb deze lijn in het verleden vaak zeer sterk en bruikbaar gevonden.

De redenatie begint bij volwassenen. Het is in Nederland (en in eigenlijk alle andere landen waar je debatten zou kunnen plaatsen) behoorlijk geaccepteerd dat volwassenen in principe vrijwel vrij zijn keuzes met betrekking tot hun eigen leven te maken. We hebben het dan over keuzes die in principe geen schade brengen aan derden. Als dat wel zo is, is staatsingrijpen vrij algemeen geaccepteerd.

Lees Verder

Live: de Oxford IV

Dit weekend staat een van de grootste debattoernooien ter wereld op het menu: de prestigieuze Oxford InterVarsity. Vrijdag en zaterdag zullen debatersvanuit heel de wereld naar Oxford afreizen om in vijf voorrondes te bewijzen dat ze gekwalificeerd zijn voor de kwartfinales (Engels als eerste taal) of de halve finales (Engels als tweede taal). Wat kun je verwachten van SevenTwenty? De Oxford IV is ieder jaar ietwat chaotisch, daarom kunnen we geen beloftes maken over de updates. De redactie zal updates geven van de stellingen, de sfeer en hoe de Nederlandse teams het doen.

Eerste update: vrijdag 15:00
De meeste teams zijn gearriveerd. Het is nu wachten op de briefing van het juryteam en de aankondiging van de eerste ronde. Het juryteam bestaat uit Ben Woolgar, Hugh Burns en Sayeqi Islam. Er zijn teams vanuit Leiden, Utrecht en Rotterdam aanwezig.

Lees Verder

Father knows best: debatteren vanuit de paternalistische staat

Nederlands Kampioen Daniël Springer legt uit hoe je het beste om kan gaan met (ir)rationaliteit en de daaruitvolgende rol van de Staat in een debat.

Jaren geleden, toen ik net begon met debatteren, zei een bekende Amsterdamse debater tegen mij: “het probleem met economen in een debat is dat ze, afhankelijk van hoe het uitkomt, met een stalen gezicht beweren dat mensen rationeel zijn, of juist pertinent niet rationeel zijn. Welke kant jullie ook kiezen, je komt er mee weg”. Ik heb door de jaren heen gemerkt dat inderdaad veel mensen worstelen met stellingen die ruwweg met de paternalistische staat te maken hebben. Ik wil in dit stuk proberen een vrij simpele visie op dit soort debatten te geven.

Spock is een typisch voorbeeld van een rationele actor.

Ten eerste moet ik natuurlijk definiëren over wat voor soort stellingen ik het precies heb. Ik vermoed dat wat ik hier bespreek voor veel meer debatten relevant is, maar concreet heb ik het over stellingen waarbij de staat het consumeren van product x c.q. het ondernemen van activiteit y reguleert of verbiedt. Voorbeelden zijn: het verbieden van alcohol of gokken, het verbieden van duelleren of zelfmoord, enzovoort.

Ten tweede is het handig om te kijken naar wat de waarschijnlijke wederzijds geaccepteerde grondslag voor de beoordeling van het debat is. Uit ervaring kan ik zeggen dat in 90% van de gevallen het uiteindelijke debat neerkomt op een vergelijking in termen van welzijn, op individueel of collectief niveau. Concreet wint dus de kant die aantoont dat het wel of niet aannemen van het plan voor de beste resultaten zorgt, ofwel voor het individu wiens vrijheid (niet) wordt beperkt, ofwel voor de samenleving als geheel. Ik zal aan het eind van dit stukje nog even kort bespreken wat er in de andere 10% van de gevallen waarschijnlijk gebeurt.

Lees Verder

Het NK Scholieren onthuld!

CA Rob Honig analyseert het NK scholieren exclusief voor SevenTwenty. Lees alles over de verschillen tussen het studenten- en scholierendebat!

Het Nederlands Kampioenschap Debatteren voor Scholieren wordt al sinds 1998 jaarlijks gesponsord én georganiseerd door het Nederlands Debat Instituut. De ontwikkeling van het toernooi heeft sinds de eerste editie niet stilgestaan. In recente jaren is bijvoorbeeld veel aandacht besteed aan de jurymethode. Om leerlingen beter voor te bereiden op de latere debatcarrière is een nieuwe jurymethode ontwikkeld. Door de gemaakte verbeteringen krijgen leerlingen nu na ieder debat een inhoudelijk gemotiveerde uitslag én individuele feedback. Deze nieuwe jurymethode is nauw verwant aan de jurering op studententoernooien.

De resterende verschillen tussen het NK Scholieren en studententoernooien zijn bewust gekozen door de organisatie. De redenen achter de tien opvallendste verschillen zullen in dit artikel uit de doeken worden gedaan.

Het NK Scholieren wordt hieronder puntsgewijs vergeleken met een studententoernooi waar Amerikaans Parlementair wordt gedebatteerd.

Lees Verder

Debating the evidence: wat voor nut heeft debatteren eigenlijk?

Daniel Schut evalueert een rapport over het nut van debat van de English Speaking Union.

Enkele jaren geleden kwam ik in de kroeg met een fervent schaker in gesprek over of dat debatteren waar ik me zoveel mee bezig hield nou wel enig nut had. “Nou, nut, nut…” zei ik “Ik vind het vooral leuk, net zoals jij schaken leuk vindt”. Dat viel niet in goede aarde bij de schaker: “Jajaja, ik vind schaken leuk, maar veel belangrijker is dat schaken goed is: je leert er logisch en strategisch van denken. En dat debatteren van jou, daar leer je alleen maar slap mee lullen”. Ik kon dat natuurlijk niet over mijn kant laten gaan en lepelde een spaghettipan vol anekdotisch bewijs op: dat ik heb gezien hoe mensen door debatteren beter leerden zichzelf te uiten, vaker en dieper nadachten over welke standpunten ze innamen en beter de krant lazen waardoor ze een veel betere algemene ontwikkeling hadden. De schaker bood me een remise aan, vooral omdat het tijd was voor de laatste ronde.

Een echte debater neemt zulk anekdotisch bewijs natuurlijk nooit voor waar aan. Een echte debater vraagt bewijs: is het écht zo dat je van debatteren iets nuttigs leert? Gelukkig bracht de English Speaking Union onlangs een meta-analyse uit om die vraag te beantwoorden. Zij bekeken in totaal 51 rapporten die onderzochten of debatteren een positief effect had op schoolgaande en/of studerende jeugd, voornamelijk in de leeftijd van vijf tot achttien jaar. U kunt het volledige rapport hier (PDF) lezen, ik pik er voor u enkele belangrijke conclusies uit.

Lees Verder