Nationalisme in plaats van oorlog

doorBionda Merckens

Nationalisme in plaats van oorlog

Vlak voor het EK haalt SevenTwenty een gouden oude discussie uit de kast. In 2006 deed Guus van Holland zijn theorie uit de doeken op nrc.nl.

,,De alom toegenomen voetbalgekte is in de plaats gekomen van grote oorlogen die vroeger werden georganiseerd in naam van het nationaal voortbestaan’’, las ik in deze dagen van voetbalverdwazing. En zo ging het artikel verder: ,,Om de massa zo gek te krijgen zich als vee naar de slachtbank te laten voeren, was een collectieve oppepper nodig, zoals dat in 1914 in Duitsland het geval was met de euforie rond ein frischer, frohlicher Krieg.

In verscheidene Europese landen werden in dat jaar de massa’s zodanig tegen elkaar opgehitst, dat men met het schuim op de mond naar de grenzen toog om de tegenpartij de hersens in te slaan. Zowel WO-1 als WO-2 bood jonge mannen een pracht gelegenheid tot het vertonen van gelegitimeerd wangedrag, dat werd gekanaliseerd doordat regeringen de mannen wijsmaakten dat dit in het belang van hun land was. Ze konden moorden, branden, plunderen en sneuvelen terwijl ze helden werden. Dat is tegenwoordig een stuk moeilijker, nu oorlogen vooral met technologie worden uitgevochten. Zelfs van een eigen, nationale politiek is nauwelijks sprake meer. Het leven speelt zich af in grote blokken en in massa-arrangementen. In multinationale bedrijven werken mensen van allerlei nationaliteiten, zonder dat dat leidt tot identificatie die net zo bevredigend is als het oude nationalisme.’’

Het zijn woorden die meer tot nadenken stemmen dan het geneuzel van Johan Cruijff over het Nederlands elftal. Dus lees ík verder: ,,De euforie van vroeger rond oorlog wordt nu opgeroepen rond het voetbal. Nog steeds staat het nationalisme daarbij hoog in het vaandel. In Nederland is de voetbalkleur niet voor niets oranje; oranje is immers ook de kleur van het vorstenhuis en dat versterkt zowel de nationale gevoelens als de positie van het vorstenhuis. Ook de behoefte zich een tijdlang uit te leven met een surplus aan energie en drempeloverschrijdend gedrag is gebleven. Het gebrek aan vervangend gelegitimeerd wangedrag wordt gecompenseerd door een commerciële gekte die geen grenzen meer kent.

,,Vooral in Nederland heeft zich een gigantisch apparaat ontwikkeld dat fictieve saamhorigheid creëert en aanleiding geeft tot collectieve emoties en oppepperij, terwijl volgens de Groningse media-onderzoeker Peter Hofstede juist grote behoefte bestaat aan individuele identiteit in een tijd waarin commercie en media in een gezamenlijk pact de massa’s dirigeren. Hofstede: ‘Aan de voetbalgekte kun je zien hoe huiveringwekkend het vacuüm is waarin de mensheid is verzeild geraakt. De verbondenheid met collectiviteiten die vroeger hun eigen normen en waarden hadden en een stempel zetten op de manier van leven is zeer gering geworden. Niettemin moet er een formule zijn waardoor je kunt belijden dat je toch ergens bij hoort, want anders ben je nergens.’ Bent u nog aanwezig, of leest u liever een interview met Arjen Robben? Vooruit dan:
Ergens bijhoren daar leent voetbal zich natuurlijk perfect voor, zegt de massapsycholoog Jaap van Ginneken in het artikel, omdat gezamenlijk voetbal kijken de gelegenheid geeft tot identificatie met een groep. ‘Voetbal is een collectief spel. De teams worden geacht iets te vertegenwoordigen. In de competitie speelt Utrecht tegen Den Haag, Amsterdam (Ajax) tegen Rotterdam (Feyenoord). Van het materiaal dat de media het publiek rond een WK aanbieden, is 90% geen informatie maar conversatiemateriaal. Het gekissebis in de huiskamers of op de tribunes over wie goed of slecht speelt, of het buitenspel was of niet is pseudo-controversieel van aard: het is wel gekissebis, maar verdeelt de kijkers niet echt in kampen. Juist die quasi-verdeling verenigt de groep. De mensen beleven daardoor een groepsgevoel dat tegenwoordig sporadisch te vinden is.’Daarbij komt, aldus Van Ginneken, dat bij het collectief kijken naar voetbal het individu een prachtgelegenheid heeft zich onder te dompelen in de anonimiteit van het collectief. ‘Daarin kan hij sneller en heviger emoties uiten dan in het normale leven.. De plekken waar wordt gevoetbald – grote grijze betonnen stadions – lenen zich er uitstekend voor; op de tribunes doen individuen niet ter zake.’

,,Nationalisme en chauvinisme kunnen rond een pot voetbal zo sterk zijn, doordat oeroude instincten erdoor worden geactiveerd’’, zo gaat de schrijver van het artikel verder. Hij citeert de Britse wetenschapsjournalist Matt Ridley die in zijn boek De oorsprong van de moraal opmerkt dat ‘mannen altijd hebben gestreefd naar glorie in veldslagen met de vijand – van Achilles tot aan Napoleon’, daarbij geholpen door ‘onze hardnekkige gewoonte om mensen in te delen in zij-en-wij.(…) Als sportclubs in wezen een surrogaat zijn voor veldslagen tussen rivaliserende coalities mannetjes van een tribale apensoort, worden de opwinding en de gruwelen van het moderne voetbal wat meer begrijpelijk’.

Lees de rest van het artikel hier.

Facebook Twitter Linkedin Email

Over de auteur

Bionda Merckens contributor