Categorie Archief Opiniestukken

doorTom Steenblok

Valentijnsdag: romantische liefde moet niet de belangrijkste overweging zijn in een huwelijk

Het is februari, de koudste maandjes van het jaar zitten er bijna op, en zo breekt de meest romantische dag van het jaar weer aan: Valentijnsdag! Daarom zal ik in dit artikel een stelling analyseren over dat eeuwenoude onderwerp: de liefde. Ik zal de volgende stelling analyseren:

DK prefereert een wereld waarin romantische liefde niet de belangrijkste overweging is in een huwelijk.

Meer lezen
doorJoris Graff

Moeten milieuactivisten sabotage en vernieling tegen grote vervuilende bedrijven stimuleren?

Deze kamer gelooft dat organisaties van milieuactivisten een campagne van sabotage en vernieling tegen grote vervuilende bedrijven moeten beginnen

Ronde 3 – Utrecht Online Open 2021

Deze stelling werd gezet in ronde drie van Utrecht Online Open 2021 en was het meest interessante debat dat ik dit toernooi mocht jureren. Wanneer een stelling het klimaatprobleem betreft, heb je mij sowieso al mee. De stelling is wat mij betreft daarnaast interessant omdat deze zowel ruimte biedt voor principiële argumenten (hebben milieuactivisten een recht op of zelfs een plicht tot zelfverdediging, ook wanneer deze gewelddadige vormen aanneemt?) als voor analyse van een groot aantal stakeholders (milieuactivisten zelf, grote bedrijven, het algemene publiek, de overheid). Hierbij is het voor teams noodzakelijk om in detail in te gaan op de beweegredenen die deze verschillende stakeholders hebben en de manier waarop deze beweegredenen door de stelling worden beïnvloed. Hieronder zal ik kort enkele argumenten voor de voor- en tegenstanders bespreken en de manier waarop deze tegen elkaar kunnen worden afgewogen. Omdat in mijn debat nauwelijks aandacht was voor principiële argumenten zal ik deze achterwege laten, waarmee niet gezegd is dat deze argumenten niet effectief kunnen zijn.

Eén van de redenen waarom ik denk dat deze stelling interessant is, is dat het wellicht meest intuïtieve argument voor de voorstanders in mijn ogen ook een van de minst effectieve is. Dit argument luidt dat grote bedrijven een winstoogmerk hebben en wanneer ze voor vervuilende activiteiten meer kosten aan beveiliging en reparatie moeten besteden, eerder overstappen op duurzame productiemodellen. Het is echter lastig om te bewijzen dat deze kosten zo hoog zullen zijn dat ze opwegen tegen diepgaande transformaties in de bedrijfsvoering. Hoe realistisch is het dat radicale milieuactivisten, die waarschijnlijk relatief weinig middelen hebben, multinationals zo’n significante klap kunnen toebrengen?

Een meer veelbelovende route voor de voorstanders is om te focussen op de gevolgen van de stelling voor politieke en publieke perceptie van milieuactivisme en -vraagstukken. Het team dat in mijn debat de tweede propositie was, deed dat het meest effectief aan de hand van de – voor mij onbekende – “radical flank theory”. Deze theorie stelt dat, wanneer een flank van een activistische beweging radicaliseert, dit positieve effecten heeft voor de gematigde meerderheid van de beweging. Ten eerste maakt dit het voor gematigde activisten mogelijk om zichzelf als redelijk alternatief te presenteren. Milieuactivisten worden vaak sowieso als radicaal gezien, ongeacht hun acties. Wanneer ze kunnen wijzen op een meer radicale flank, helpt dit om hun eigen imago te verbeteren. Ten tweede leidt het ertoe dat gematigde activisten een meer aantrekkelijke samenwerkingspartner worden voor autoriteiten. De overheid wil geweld natuurlijk zoveel mogelijk tegengaan en één van de manieren om dit te doen is om meer samenwerking te zoeken met de gematigde flank van de beweging, waardoor de onvrede die het radicalisme voedt wordt weggenomen en de gematigde beweging de radicale activisten gaat overvleugelen. Dit maakt het makkelijker om van de overheid concessies los te krijgen wat betreft ecologische regelgeving.

De tegenstanders proberen natuurlijk het tegengestelde frame op te zetten dat de perceptie van een deel van de milieuactivisten als radicaal overslaat op de gehele beweging, inclusief de meer gematigde delen ervan. Wanneer dit zo is, volgen uiteraard negatieve gevolgen. De eerste tegenstanders in mijn debat probeerden bijvoorbeeld te bewijzen dat de overheid door deze perceptie minder geneigd is samen te werken met milieubewegingen, omdat ze niet open willen staan voor de kritiek samen te werken met radicalen. De tweede tegenstanders probeerden te bewijzen dat individuen minder snel geneigd zijn hun consumptiegedrag meer ecologisch verantwoord te maken, omdat ze niet geassocieerd willen worden met een beweging die als radicaal wordt gezien.

De kern van de clash omtrent de maatschappelijke en politieke impacts van deze stelling komt er dus op neer hoe het algemene publiek deze acties precies zal opvatten en hoe dit overslaat op gematigde activisten. Het is voor teams moeilijk om deze clash te winnen omdat “het algemene publiek” een vrij diverse actor is en verschillende leden ervan waarschijnlijk op verschillende manieren reageren. Daarom is nuance belangrijk. Welke delen van het publiek zijn het meest geneigd om positiever of juist negatiever te staan tegenover de milieubeweging? Waarom zijn deze delen van het publiek het meest belangrijk voor ecologische besluitvorming? Uiteindelijk wonnen de tweede voorstanders het debat dat ik jureerde omdat ze twee punten van nuance aanbrachten die bij de tegenstanders (en de eerste voorstanders) ontbraken: a) dat de manier waarop een groep zich gedraagt voor de meeste mensen meer invloed heeft op hun perceptie van die groep dan de standpunten van de groep, wat betekent dat gematigde activisten waarschijnlijk positiever op hun gedrag beoordeeld worden dan ze negatief beoordeeld worden op hun ideologische associatie met radicalen en b) dat mensen die geneigd zijn deze acties op de gehele milieubeweging te betrekken, waarschijnlijk sowieso al niet zo’n hoge pet op hebben van milieuactivisten en daarom voor het gedrag van deze groep (en daarmee hun invloed op de overheid) waarschijnlijk weinig verandert. De beslissing om de tweede voorstanders te laten winnen was echter niet unaniem, wat aangeeft hoeveel ingewikkelde discussie nodig was om deze centrale clash te winnen.

Deze stelling is een goed voorbeeld waarom het voor teams belangrijk is om voorbij de voor de hand liggende argumenten te kijken (“Bedrijven willen geld verdienen!” en “Mensen houden niet van geweld!”) en dieper in te gaan op de vraag hoe beweegredenen van verschillende (sub)groepen doorspelen in hun gedrag. Zoals vaker gebeurt in debatteren, wordt deze stelling niet gewonnen door de meest intuïtieve punten in te brengen, maar door de punten het best te koppelen aan een overtuigende analyse van de psychologie van de verschillende stakeholders. Deze stelling heeft mij gesterkt in mijn overtuiging dat een groot deel van debatteren eigenlijk toegepaste psychologie is.

doorRoel Becker

Argumenten: Mensen moeten bij hun pensionering het volledige pensioen ontvangen

De volgende stelling was het onderwerp van debat in de tweede ronde van de Nijmegen Open 2020.

Infoslide: Een eenmalige pensioenbetaling is wanneer werknemers hun volledige pensioen ontvangen bij het begin van hun pensionering. Een gespreide pensioenbetaling is wanneer ze hun pensioen maandelijks krijgen uitbetaald.

Stelling: DK staat het werknemers toe om een ​​keuze te maken tussen een eenmalige pensioenbetaling en een gespreide pensioenbetaling.

Ronde 2 – Nijmegen Open 2020

Deze stellinganalyse is mede gebaseerd op de discussies en testen die zijn uitgevoerd binnen het CA-team van de Nijmegen Open: Fabian Beitsma, Gigi Gil, Hadar Goldberg, Lucy McManus, Parth Pandya, Marta Vasić & Roel Becker. Ik bedank alle co-CA’s voor hun harde werk. Uiteraard ben ik alleen verantwoordelijk voor eventuele fouten.

Meer lezen
doorRyoji Yoshisada

Argumenten: Zouden we inkomensverdelingsovereenkomsten toe moeten staan?

Let op: dit is een vertaling van het originele artikel in het Engels. Door de vertaling kan de toon veranderd zijn.

Op de Amsterdam Open 2020 werd de volgende stelling besproken:

Informatiedia: In het kader van dit debat is een inkomensverdelingsovereenkomst (in het Engels: Income Sharing Agreement, ISA) een contract waarbij een persoon geld van investeerders ontvangt. In ruil daarvoor nemen de investeerders beslissingen over hun carrièrekeuzes en behouden een deel van hun inkomen.

Stelling: Deze Kamer staat mensen toe om inkomensverdelingsovereenkomsten (ISA’s) te ondertekenen.

Amsterdam Open 2020 – Ronde 3

Als we deze stelling zien, zijn er twee conclusies waar we aan moeten denken.

  1. Is het toestaan ​​van een ISA gunstig of schadelijk?
  2. Is het toestaan ​​van een ISA legitiem of niet?

Deze stelling is een heel goed voorbeeld om in beide vragen te duiken.

Meer lezen
doorDaan Spackler and Rob Honig

Zo maakt Lagerhuis+ scholierendebat beter

Bron coverafbeelding: DebatUnie

Nederland kent vele debatvormen. In deze nieuwe serie vertellen debaters jou waarom zij een bepaalde debatvorm het beste vinden. Deze keer: Lagerhuis+, speciaal voor het scholierendebat. Wil je meer lezen over hoe Lagerhuis+ werkt? Klik dan hier.

In de discussies over de beste debatvorm wordt nog wel eens de grootste groep debaters vergeten: scholieren. In het vak Nederlands wordt op honderden scholen een “debat” gedaan in de bovenbouw als schoolexamen. Je hebt het waarschijnlijk ook zelf ooit zo meegemaakt. Tot voor kort kozen docenten Nederlands voor de klassieke Amerikaans parlementaire opzet; meestal met 2 tegen 2 sprekers. In de afgelopen jaren wordt steeds vaker overgeschakeld op de debatvorm “Lagerhuis+” (een variant van het “World Schools Format”), ook in debatclubs.

Meer lezen
doorFabian Beitsma

Tiger Parenting: goed of slecht?

Bron coverafbeelding: New York Times

In dit artikel heb ik verschillende ouderschapsstijlen besproken en deze kennis zal ik nu toepassen op een stelling die vaak voorbij komt, namelijk:

Deze Kamer steunt Tiger Parenting.

Dit is een vorm van opvoeden waarbij de ouders hoge eisen stellen aan hun kind, maar ook belonen voor het behalen van een resultaat.

De oplettende lezer zal hebben opgemerkt dat het simpelste argument voor de stelling is dat Tiger Parents in een zekere zin autoritatieve ouders zijn. Ze stellen zowel hoge eisen, maar zijn ook betrokken en belonen voor goed resultaat. Dit zorgt dat het kind voldoende positieve bekrachtiging krijgt maar ook positieve cognitieve schema’s ontwikkeld als “ik kan alles bereiken als ik hard werk”. Ze zien de waarde in van moeite doen voor iets waar je pas op lange termijn een beloning voor krijgt (zoals het studeren voor een diploma), wat belangrijk is voor latere vaardigheden zoals financiële verantwoordelijkheid. 

Een argument tegen de stelling is dat ouders zich onvoldoende bewust zijn, of willen zijn, wanneer hun kind niet aan de hoge standaarden kan voldoen. Veel mildere vormen van ontwikkelingsstoornissen zoals een non-verbale leerstoornis of het Klinefeltersyndroom worden soms pas laat of zelfs nooit opgemerkt. Hierdoor worden kinderen gestraft voor het niet voldoende kunnen plannen of behalen van hoge prestaties. Door herhaaldelijk negatief bekrachtigd te worden zonder te begrijpen waar het probleem vandaan komt, ontwikkelen kinderen negatieve schema’s als “ik faal altijd”. Deze schema’s blijven niet alleen beperkt tot het leren, maar bepalen tevens hoe ze omgaan met sociale relaties en andere situaties.

doorGijs Weenink

Waarom is Beleidsdebatteren de beste debatvorm?

Bron coverafbeelding: NK Beleidsdebatteren

Nederland kent vele debatvormen. In deze nieuwe serie vertellen debaters jou waarom zij een bepaalde debatvorm het beste vinden. Deze keer: beleidsdebatteren. In het artikel legt Gijs Weenink je uit wat beleidsdebatteren precies is.

Mijn naam is Gijs Weenink. Ik ben oprichter van de Tilburgse Debatvereniging Cicero in 1991, de Nederlandse Debat Vereniging in 1993 (de voorloper van de Nederlandse Debatbond), het Nederlands Debat Instituut in 1997 en de DebatAcademie in 1999. In 1995 won ik met Frank van der Salm het 5e Nederlands Kampioenschap Beleidsdebatteren en ben daarna toegetreden tot het Comité van Aanbeveling. In 1993 heb ik het vak Beleidsdebatteren aan de Universiteit van Leiden bij Taalbeheersing gevolgd. Ook bij Bestuurskunde in Enschede en bij vele hogescholen was jarenlang het vak Beleidsdebatteren te volgen. In 1995 (Cork) en 1997 (Athene) heb ik deelgenomen aan het WK Debatteren. Met de DebatAcademie heb ik 2.500 Lagerhuisdebatten mogen leiden met 250.000 deelnemers in 21 landen van Europa. Daarnaast heb ik ongeveer 2500 debat- en speechtrainingen gegeven aan 25.000 deelnemers. Ik heb drie boeken geschreven; één over debatteren in organisaties (Durf te kiezen, april 2018), een boek over crisis en leiderschap (Never waste a good crisis, april 2020) en één boek, samen met Richard Engelfriet, over online vergaderen en presenteren (Ben ik in beeld?, mei 2020).

Meer lezen
doorJonathan Kellogg

Waarom is WSDC de beste debatvorm?

Bron coverafbeelding: DebatUnie

Nederland kent vele debatvormen. In deze nieuwe serie vertellen debaters jou waarom zij een bepaalde debatvorm het beste vinden. Deze keer: WSDC. Wil je meer lezen over hoe WSDC werkt? Klik dan hier.

Ik ben Jonathan Kellogg, een oud DSDC-debater. Inmiddels studeer ik aan LUC (ik ben me bewust van het cliché). Als schoolie heb ik mee gedaan aan talloze WSDC-format toernooien in zowel het Nederlands als Engels. Verder heb ik ook deelgenomen aan tal van BP toernooien. Ik betwijfel of er een objectief “beste” debatvorm bestaat; het is grotendeels een kwestie van persoonlijke preferenties. Maar het WSDC-format is onder studenten wel één van de meest ondergewaardeerde formats en verdient meer aandacht dan het op dit moment krijgt.

Meer lezen
doorGigi Gil

Moeten we Kunstmatige Intelligentie in strafrechtzaken verbieden?

Dit is het laatste deel in de serie “Kunstmatige Intelligentie in Debatteren”. Lees hier deel 1 en deel 2!

In de vorige twee artikelen heb je kunnen lezen wat er wordt bedoeld als er wordt gesproken van kunstmatige intelligentie (AI). Mike heeft het lastige werk gedaan. In dit artikel is aan mij de eer om een voorbeeld te geven van de toepassing van deze kennis bij debatteren, aan de hand van de volgende stelling:

Deze Kamer verbiedt het gebruik van statistische risicobeoordelingen voor het bepalen van de strafmaat in strafrechtzaken

Meer lezen
doorNoah van Dansik

Waarom is Eloquentia de beste debatvorm?

Nederland kent vele debatvormen. In deze nieuwe serie vertellen debaters jou waarom zij een bepaalde debatvorm het beste vinden. Deze keer: Eloquentia. Wil je meer lezen over hoe Eloquentia werkt? Klik dan hier.

Ik ben Noah, twintig jaren jong en de voorzitter van ASDV Bonaparte. Daarnaast ben ik gemeenteraadslid voor GroenLinks en studeer ik rechten aan de Universiteit van Amsterdam.

Bij Bonaparte debatteren we in zowel AP als BP format, maar mijn absolute favoriet is toch wel eloquentia (afgekort: elo). In dit format staan retoriek en welbespraaktheid centraal. Je wint niet met louter goede argumentatie, maar je moet je publiek ook daadwerkelijk overtuigen.

Meer lezen