Nieuws

doorBionda Merckens

EK Debatteren: Verslag dag 2

Na een enigszins korte nacht is de Nederlandse delegatie op het EK Debatteren alweer vroeg uit de veren om de volgende drie debatten te voeren. De SevenTwenty-redactie zit op het moment van schrijven aan het ontbijt en zal net als gisteren de uitslagen weer regelmatig bijwerken.

De stelling van de vierde ronde luidde:
“This House Believes That Barack Obama should have vetoed any debt deal that did not increase taxation.”

Ronde vijf startte met een infoslide over donor siblings, kinderen die na embryoselectie worden geboren met als specifieke doel het kweken van cellen om een zieke broer of zus te genezen. De stelling was:
“This House Would allow the creation of donor siblings.”

De stelling van ronde 3:
“This House Believes That hacking is an acceptable form of protest against large corporations.”

Update 18:37 GMT
Op dit moment zit iedereen in zijn huisje in Corrib Village te wachten tot de bussen vertrekken. Deze nemen ons mee naar de kust voor diner en een feest.
Veel uitslagen zullen tot laat vannacht ontbreken, excuses hiervoor.

Punten behaald door de Nederlandse teams op dag 1 & 2. (teamlijst)

Team Ronde 1 Ronde 2 Ronde 3 Ronde 4 Ronde 5 Ronde 6 Totaal
Leiden A 1 3 3 0 1 3 11
Leiden B* 2 1 3 2 0 0 8
Groningen A 2 2 2 3 0 3 12
Groningen B 0 0 2 1 1 4
Groningen C 2 0 1 3 1 7
Bonaparte A 2 1 2 3 1 0 9
Bonaparte B 1 1 1 1 3 1 8
Bonaparte C 1 2 0 1 2 6
EDS A 3 3 0 2 3 1 12
EDS B 2 2 0 2 2 0 8
EDS C 0 1 2 2 1 3 9
Utrecht A 3 0 3 1 3 2 12
Utrecht B 1 3 0 2 1 3 10
Utrecht C* 2 3 0 1 0 2 8
UCU A* 3 0 1 1 0 7
UCU B* 0 0 2 1 2 5
AUC A 0 0 3 2 0 5
ULU B** 2 1 2 3 ? 8

* Doet niet mee in de categorie English as a Second Language.
**University of London. Nederlander Micha Beekman maakt deel uit van dit team.

Per ronde zijn er maximaal 3 punten te verdienen. Bij een eerste plek krijgt het team 3 punten, bij een tweede plek 2, bij een derde plek 1 en bij een vierde plek geen.

Gebaseerd op de resultaten van vorig jaar zijn er naar verwachting 18 punten nodig (uit negen rondes) om de kwartfinales te bereiken.
Om de kwartfinales van de categorie English as a Second Language (ESL) te bereiken zijn naar verwachting 15 punten nodig.

doorBionda Merckens

EK Debatteren: Verslag dag 1

De eerste dag van EUDC 2011 zit er weer op. In drie rondes hebben de ongeveer 200 teams het tegen elkaar opgenomen in debatten over de doodstraf, Photoshop en Mein Kampf.

Na de lange rijen getrotseerd te hebben wisten de meeste debaters op tijd een ontbijt te bemachtigen in de kantine van NUI Galway. Alhoewel er wat problemen waren met het geautomatiseerde registratiesysteem van de organisatie kon de eerste ronde redelijk op tijd beginnen, met de stelling:
“This House Would bring back the death penalty.”

Na de warme Ierse lunch, inclusief de onvermijdelijke aardappels, ging de tweede ronde op tijd van start. De stelling van deze ronde verschilde flink van de die van de eerste ronde:
“This House Would prohibit the media from using software to cosmetically improve an individual’s appearance.”

Waar de eerste stelling redelijk binnen de te verwachten kaders werd gevoerd waren er in de tweede ronde vrij uiteenlopende plannen die werden gepresenteerd door de teams in Opening Government. Sommige debatten gingen over de link tussen gephotoshopte advertenties en anorexia, terwijl in andere debatten debaters hard probeerden te maken dat media de samenleving niet beïnvloeden maar andersom.

De derde ronde stond gepland voor 16:45, en deze deadline werd mooi gehaald door de organisatie. Na een wat luchtiger onderwerp in de tweede ronde kregen de debaters een infoslide voor de kiezen over Mein Kampf. De stelling luidde dan ook:
“This House Believes that Germany should ban the publication of Mein Kampf indefinitely.”

Net als in de tweede ronde waren er uiteenlopende debatten: er werd gesproken over de symbolische waarde van Mein Kampf voor neonazi’s en over het belang van Mein Kampf voor de geschiedschrijving van de 20e eeuw.

Na deze ronde togen de debaters moe maar voldaan naar de eetzaal, voor lasagne, knoflookbrood, chocoladetaart en uiteraard een aardappel. Op het moment van schrijven hangt de SevenTwenty-redactie rond in de huisjes van Corrib Village, om dadelijk naar de social te gaan die de organisatie op poten heeft gezet. Uiteraard zal de volledige Nederlandse delegatie vanavond alcoholvrij zijn, om morgen weer fris en fruitig goede resultaten te produceren!

Punten behaald door de Nederlandse teams op dag 1. (teamlijst)

Team Ronde 1 Ronde 2 Ronde 3 Totaal
Leiden A 1 3 3 7
Leiden B* 2 1 3 6
Groningen A 2 2 2 6
Groningen B 0 0 2 2
Groningen C 2 0 1 3
Bonaparte A 2 1 2 5
Bonaparte B 1 1 1 3
Bonaparte C 1 2 0 3
EDS A 3 3 0 6
EDS B 2 2 0 4
EDS C 0 1 2 3
Utrecht A 3 0 3 6
Utrecht B 1 3 0 4
Utrecht C* 2 3 0 5
UCU A* 3 0 1 4
UCU B* 0 0 2 2
AUC A 0 ? ? ?
ULU B** 2 1 2 5

* Doet niet mee in de categorie English as a Second Language.
**University of London. Nederlander Micha Beekman maakt deel uit van dit team.

Per ronde zijn er maximaal 3 punten te verdienen. Bij een eerste plek krijgt het team 3 punten, bij een tweede plek 2, bij een derde plek 1 en bij een vierde plek geen.

Gebaseerd op de resultaten van vorig jaar zijn er naar verwachting 18 punten nodig (uit negen rondes) om de kwartfinales te bereiken.
Om de kwartfinales van de categorie English as a Second Language (ESL) te bereiken zijn naar verwachting 15 punten nodig.

doorBionda Merckens

Wie gaan er naar het EK?

Nu het EK nadert is iedereen natuurlijk benieuwd welke mensen Nederland in Galway zullen gaan vertegenwoordigen. We hebben een lijst gemaakt met alle namen en teams van de Nederlandse delegatie.

GDS

Groningen A: Henk van Zuilen & Jeroen Dokter

Groningen B: Anne Lenferink & Anita Lichtendahl

Groningen C: Jonathan Mall & Martijn Paping

UDS

Utrecht A: Danique van Koppenhagen & Tomas Beerthuis

Utrecht B: Alex Klein & Heleen van ’t Spijker

Utrecht C: Arielle Dundas & Valerie Schulte Nordholt

LDU

Leiden A: Susanne Kingma & Rogier Baart

Leiden B: Ali Mohammed & Wieger Kop

EDS

Erasmus A: Daniël Springer & Jeroen Heun

Erasmus B: Jesse Fest & Michael Tai

Erasmus C: Joeri Willems & Mark-Jan Versluis

UCU

UCU A: Andrea Bos & Devi Pillay

UCU B: Karl Yannick Heimann & Natalia Szlarb

Bonaparte

Bonaparte A: Adrian de Groot Ruiz & Michel Scholte

Bonaparte B: Josse van Proosdij & Jules Boog

Bonaparte C: Walter Freeman & Thomas de Haan

Juryleden

Luciën de Bruin, Anne Valkering, Simone van Elk, Leela Koenig, Rob Honig, Daan Welling, Lucia Sontseva, Ali Al Khatib, Karin Merckens, Theo Metz, Els Jongerius, Lia Verbaas en Liesbeth Meertens. (NB: niet volledig, niet alle juryleden zijn bij ons bekend).

SevenTwenty tijdens het EK

Tijdens het EK kun je iedere dag op SevenTwenty ’s middags en ’s avonds een update verwachten met daarin het laatste nieuws. ’s Middags zal er vooral een feitelijke update zijn, ’s avonds zal er ook wat meer vertelt worden over hoe het toernooi verloopt en hoe deelnemers het ervaren. Blijf voor het laatste nieuws op de hoogte via www.seventwenty.nl.

doorBionda Merckens

Aankondiging EK debatteren: Galway

Van 7 tot 12 augustus vindt het Europees Kampioenschap Debatteren plaats in Galway, Ierland. De Nederlandse delegatie bestaat uit meer dan 40 jonge mannen en vrouwen en wordt als grote kanshebber gezien voor de overwinning. Het EK Debatteren is het meest prestigieuze debattoernooi in Europa waar jaarlijks ongeveer 400 mensen uit 25 landen aan meedoen. Dit jaar wordt het kampioenschap voor de achttiende keer georganiseerd.

Teams uit heel Nederland

Met 44 deelnemers stuurt Nederland haar grootste delegatie ooit. De deelnemers zijn vooral studenten. Ze komen uit alle hoeken van het land: Amsterdam, Utrecht, Rotterdam, Leiden en Groningen. De afgelopen maanden en jaren hebben zij hard getraind.

Succesvol verleden

Het EK debatteren heeft voor de Nederlanders een succesvol verleden. Vorig jaar nog werd Jeroen Heun, student aan de Erasmus Universiteit Rotterdam, beste individuele spreker in de categorie Engels als tweede taal. Dat EK werd toen georganiseerd in Amsterdam. Vijf keer eerder wonnen de Nederlanders (in de categorie Engels als tweede taal). Met een sterke delegatie zijn de verwachtingen dit jaar weer hooggespannen.

Volg onze verslaggeving

Vanuit Nederland zullen veel mensen aandachtig de resultaten volgen die uit Ierland komen. De Nederlandse Debatbond publiceert via haar website (www.debatbond.nl) iedere dag live updates, resultaten en achtergrond artikelen van het prestigieuze kampioenschap.

—— NOOT VOOR DE REDACTIE ——

Meer informatie? Hulp bij een artikel over het debat?

Wij helpen u graag! Neem gerust contact op met:

Tomas Beerthuis, bestuurslid Nederlandse Debatbond
06-48797276, Tomas.Beerthuis@debatbond.nl

Over de Nederlandse Debatbond
De Nederlandse Debatbond is het overkoepelende orgaan van debatverenigingen en –organisaties in Nederland. De Bond is opgericht in 2008 met als doel om het wedstrijddebat te bevorderen. Het wedstrijddebat bevordert cruciale presentatie- en argumentatievaardigheden en dwingt je kritisch na te denken over maatschappelijke vraagstukken. Tot de kerntaken van de Bond behoren het bevorderen van samenwerking tussen beoefenaars en het gezamenlijk naar buiten treden. De organisatie heeft ongeveer 1000 leden.

Meer informatie over de Debatbond, het EK Debatteren en debatteren in het algemeen is te vinden op www.debatbond.nl

doorBionda Merckens

DAPDI 2011, een groot succes!

Afgelopen week vond in Rotterdam DAPDI plaats: eerst drie dagen intensief trainen en vervolgens een tweedaags toernooi. Zo vlak voor Euro’s trok het veel mensen die nog net even wilden oefenen, maar er waren ook mensen die nog nooit hadden gedebatteerd en het liever in één keer wilden leren dan elke week een klein beetje.

De debaters werden opgedeeld op niveau zodat de trainingen voor iedereen nieuw en nuttig zijn. In drie dagen lukte het de trainers uit Oxford om allerlei onderwerpen aan bod te laten komen. Waar de minder ervaren groepen zich eerst vooral richtten op de BP stijl en op de basisingrediënten voor een goed argument, keken de groepen met meer ervaren debaters direct naar thema’s als framing en strategie. Verder waren er trainingssessies waar je keuze hebt uit verschillende onderwerpen. Handig als je het fenomeen economie nog niet helemaal onder de knie hebt of meer wilt ingaan op stellingen die wellicht aan bod komen in Galway.

Meer lezen

doorBionda Merckens

Trein naar de toekomst: Seizoen 2011-2012

Op een rustige vakantie in Oostenrijk, krijg ik van mijn moeder de (no-nonsense vrouwenglossy) “JAN” in mijn handen gedrukt. “Zat jij hierbij?” vroeg ze. Op mijn verbaasde blik dirigeerde ze me naar een column van Suzanne Rethans, “Trein naar de toekomst”.

Suzanne beschrijft een merkwaardige treinrit, die voor haar een aantal generatieverschillen naar voren bracht. Zo bespraken de (eerstejaars) studenten in haar coupe politieke besluiten, de invloed daarvan op ons belastingsstelsel en het zorgbeleid, en of de Gouden eeuw interessanter was dan de negentiende. In haar tijd gebeurde dat niet. “Ik voelde me dom en onwetend. En oud. Over een paar jaar zit Mees ook zo in de trein. Hij moet nog een hoop bijleren wil hij woorden als congruent, abstraheren en causaliteit correct gebruiken”.

Meer lezen

doorBionda Merckens

Belgrade Euros: An insider’s view

Manos Moschopoulos is one of the driving forces behind the Belgrade Bid for the European Universities Debating Championships 2012. He reflects on the bidding process, the bid, and the Opens Belgrade has organised over the past two years.

Somewhere around Newcastle Euros, I was sitting with Kimon Ioannides, Milan Vignjevic and Marko Cirovic when we came up with the idea of a Belgrade Euros. At the time, we had no idea what it took to run the tournament; it just seemed like a genuinely good idea. Our instincts, two years later, are probably proven right as the University of Belgrade and the Open Communication Debating Network have put together a very strong bid to host the next round of the European University Debating Championships.

We worked on the idea, made our initial calculations and saw that hosting Euros was quite realistic. But we had to prove ourselves, which we first attempted to do with the Belgrade Open in 2010. The tournament was a fantastic affair, with various participants leaving us signed post-its that read “bid for Euros!” as souvenirs, an experience was only topped by the next Open in 2011.

The people in Belgrade have shown they have what it takes to pull of a large debating tournament. The Belgrade Open is one of the most-talked about tournaments on the continent with a number of people telling us that it was the best competition that they have ever attended. For all of us on the inside, it was a huge undertaking that saw Milan Vignjevic and Milan Krstanovic, convenor and tournament director respectively, put in a lot of good work and coordinating the sizeable local community that dedicated it’s efforts to put together what was one of the largest competitions ever to be held on the Continent.

That tournament’s success can be attributed to two factors. On the one hand, the excellent institutional links that Open Communication has built over the years, which has seen the National Assembly host every final of the Belgrade Open – a remarkable fact is that the first event to be hosted in the building after Milosevic’s downfall led to democracy was a Belgrade Open final. The City of Belgrade, the central government and other public institutions have lent their support, material and otherwise, to university debating in Serbia for the past decade, recognizing the importance of debating in building an open, democratic and peaceful society.

The other factor is surely the fact that the debating network has grown over the years to now encompass hundreds of debaters and alumni that come back and help train and recruit new students in a number of faculties, city centres and universities across the country. The last two Belgrade Opens had enough volunteers to rival the capacity of a Worlds tournament – to the point that in 2010, when I was running the tournament alongside Jovana Mitic, Nebojsa Kolundzic told me we could assign a volunteer to each team and still have enough to do the rest of the tournament. We had 52 teams that year.

It is also worth noting that everyone on the Belgrade Euros 2012 bid committee, which will hopefully be the organizing committee after the vote in Galway, have been involved in the organization of the Belgrade Open in the past and have participated in Euros or Worlds in the past, while a number of them have also managed to break at those two competitions as well as dozens of Opens and IVs across Europe. The team reflects everything the Serbian BP community can be proud of: commitment to debating, competitive success, organizational skill and, overall, a lot of experience at the task they’re asking the European community to trust them with.

But hosting Euros in Belgrade isn’t only a guarantee for a successful tournament. It would mean that the tournament will move to the heart of a region that’s on the long, but steady, way towards European integration. Debating programs in the Balkans are far from being mere co-curricular clubs aimed at their members’ recreation, they are important elements of the integration process. It is no coincidence that the Organization for Security and Cooperation in Europe has included the Belgrade Open and the Serbia Summer Debate Academy in their democratization agenda for a number of years. Euros would no doubt serve as a flagship event to attract more people to debating, as well as the media attention that would in turn strengthen the commitment of institutional and commercial sponsors to the activity.

It would also enable the countries in the region to participate in Euros, due to the fact that train and bus travel in the Balkans are extremely cheap. A Belgrade Euros would be accessible for teams and judges from countries such as Bosnia & Herzegovina, Macedonia and Montenegro, which have a long history of schools debating supported by IDEA and other donors and their alumni are trying to set up university debating circuits that would bring them into the debating family we belong to. It would also mean that dozens of students will get experience in adjudication alongside the best that the European pool has to offer, an experience they will be then able to transmit as trainers in existing and new debating societies in their area.

To that end, we are very proud of Adjudication team we managed to put together. Our CA, Art Ward, is known not only for his judging skill but also as one of the most hard-working and loved characters on the IONA circuit. A few weeks after we confirmed him as CA of our bid, DLSU Worlds 2012 chose him as their DCA, solid proof of his capacity. With him, Stephen, Isa, Ben and Filip do not really need a long introduction – they’ve been CAing and DCAing most competitions around for quite some time now, providing the bid with a lot of experience in motion setting, managing adjudication pools and input on how great tournaments are run.

I’m sure Belgrade Euros will be a massive experience for the participants that will also leave a lasting impact on the host debating circuit and the region around it. I hope that you agree with me and we spend August 2012 in Belgrade, enjoying a great tournament in, as CNN Traveller put it, “a city where you can dance until sunrise seven nights a week, where hospitality crackles in the air, and where looking good is a birthright and a religion in one.”

Editor’s note: The Bid for Leeds EUDC 2012 was also invited to contribute an article to SevenTwenty. Keep following us for more updates!

doorBionda Merckens

Mensenrechten zijn belangrijk!

Verguisde argumenten moeten weer kunnen

Bijna elke beginnende debater is er wel eens mee geconfronteerd: in je eerste debat moet je een controversieel plan aanvallen; bijvoorbeeld dat sommige mensen, zoals verslaafden, geen kinderen zouden mogen krijgen. Trots sta je op en verkondig je met veel flair dat het krijgen van kinderen een recht is, een mensenrecht zelfs, en dat zoiets niet ingeperkt mag worden. Op het eerste moment is het dan ontgoochelend als de voorstanders, de mensenrechtenschenders, dan toch vaak met de winst aan de haal gaan. De uitspraak van de jury is dan ook vrij schokkend: je komt hier niet mee weg om een mooi praatje te houden over mensenrechten; bij het debatteren gaat het erom dat je uitlegt waarom iets een mensenrecht is, en waarom dát er nu voor zorgt dat je dat recht niet mag afschaffen. In het ideale geval gaat de beginnende debater met deze feedback aan de slag en leert het argument ‘rechten’ uit te werken. Dus hij leert hoe je rechten moet balanceren en de eerstvolgende keer worden er al denkstapjes gemaakt richting een eloquente inhoudelijke verdediging voor het altijd krijgen van kinderen.

Taal en signaal

Ik heb het met opzet over ‘in het ideale geval’. Want heel vaak begrijp je als beginnende debater niet zo goed wat er nu precíes misging. En dat komt doordat de beginnende debater en het ervaren jurylid het woord ‘mensenrechten’ gebruiken, ze het beide over andere definities van hetzelfde woord hebben.

Hoe komt dat? In het boek “Don’t think of an elephant!” legt de Amerikaanse linguïst en politiek activist George Lakoff uit dat hetzelfde woord voor twee verschillende personen een heel verschillende betekenis kan hebben, omgeven door de context waarin het woord geleerd en gebruikt word. Voor een Republikein roept het woord “familie” associaties op met een strenge vader die de orde in het gezin handhaaft, een moeder die het gezin verzorgt en kinderen die naar hun vader te luisteren hebben. Voor een Democraat is het begrip “familie” verbonden met een veel vrijere opvoeding, waarin kinderen de vrijheid moeten worden gelaten om zelf dingen te ontdekken en te leren van fouten. Ouders hebben hierin een sturende rol. Met woorden als “mensenrechten”, “sociaal contract” en “signaalfunctie” is in de debatwereld iets soortgelijks aan de hand. De beginnende debater vind een “recht” heel erg belangrijk, omdat er in de media en in het politieke diskoers heel veel belang aan word gehecht. Er zijn zelfs mensenrechtendagen! Het sociaal contract is de noemer van een van de grootste en – sinds John Rawls het begrip herintroduceerde – belangrijkste theorieën binnen de politieke filosofie. Ook het signaal dat overheidsbeleid uitstraalt komt vaak terug: veel columnisten in de NRC en de Volkskrant schrijven bijvoorbeeld vooral over het ‘mensbeeld’ dat uitstraalt van de plannen het kabinet Rutte. Voor ervaren debaters hebben deze begrippen echter een andere betekenis: zij associëren dit soort woorden met slecht uitgewerkte ‘claims’ en met saaie binrooms. Vandaar dat het gebruik van dit soort labels vaak er al voor kan zorgen dat jij en je team minder serieus genomen worden door ervaren juryleden. Terwijl jij denkt een belangrijk argument te brengen, word je gezien als een claimende amateur en naar de bins verwezen.

Frame het debat anders!

De huidige oplossing die dit probleem kent is dat de beginnende debater zich aanpast aan de framing van de ervaren debaters. Niet langer heeft men het over ‘het sociale contract’, maar wel brengt men de analyse die eronder valt. Naarmate je langer meeloopt op toernooien begin je ook meewarig te denken over mensen die ‘signaalargumenten’ brengen en gniffel je zachtjes van binnen als de spreker tegenover je het over mensenrechten heeft.

Er zijn twee problemen met deze huidige aanpak. Ten eerste zijn deze ‘slechte argumenten’ eerst zo genoemd omdat ze wel degelijk iets over konden brengen. Elk woord heeft nu eenmaal een – sorry – signaalfunctie: het word heel gauw duidelijk waar je het over hebt. Doordat er een soort taboe rust op woorden die makkelijk signalen kunnen overbrengen, word het moeilijker om duidelijker te communiceren in het debat. Een ander belangrijk punt is dat de debatwereld hiermee afgesloten raakt van de wereld hierbuiten. Beginnende debaters moeten een grotere inspanning verrichten om mee te kunnen doen, omdat ze hun hele begrippenkader moeten bijstellen. Voor veel mensen die wel eens rondsnuffelen bij een debatvereniging kan het dedain voor jouw taalgebruik leiden tot een vlucht naar een andere vereniging. Maar bovendien worden we minder overtuigend voor de buitenwacht: woorden als mensenrechten hebben daar nu eenmaal nog steeds veel invloed en aantrekkingskracht. Willen we aansprekend zijn buiten de debatzaal, dan is het belangrijk dat we begrijpen dat bepaalde woorden buiten onze debatwereld sterker klinken dan wij denken.

De oplossing is niet makkelijk: in feite moeten we de oorspronkelijke betekenis van het woord ‘terugclaimen’: een slutwalk voor het sociaal contract. Ervaren en succesvolle debaters, die vaak het diskoers domineren doordat mensen naar hen luisteren – zij zijn immers de topdebaters waar je als beginnende debater naar opkijkt, en zij jureren vaak de debatten op toernooien -, moeten deze woorden weer opnemen in hun speeches: niet als verontschuldigende inside-joke, maar met de betekenis die deze labels eerst hadden. Sluit analyses over het verkrijgen van kinderen af met ‘en dat vinden wij zó belangrijk, dat we hebben besloten het in onze wetten op te nemen’. Leg goed uit aan die debaters die net beginnen met debatteren hoe ze rechten moeten afwegen. Maar geef hen niet het advies om de woorden “sociaal contract’ of “signaalfunctie” te verzwijgen. Dan houd je namelijk de bovengenoemde problemen in stand.

doorBionda Merckens

Esthethiek in de Arena: ‘Een stier kan je doden, maar de roem leeft voort.’ (II)

De Stier

Maar hoe staat het eigenlijk met het ontvangende einde van deze kunstvorm streep religie? ‘De stier? Wel, die moet gedood worden om de volgende redenen. Allereerst omdat zo’n dier leert, je kunt een stier geen twee maal in de arena zetten daar hij de tweede maal de torero van kant zou maken. En een terugkeer naar de boerderij is eigenlijk ook geen optie, daar het door al dat leren gevaarlijk geworden is. Ten tweede, simpelweg om het vlees. Na het gevecht wordt het beest klaargemaakt en opgegeten.’ Ook hier echter, blijkt nog een spirituele reden te bestaan. ‘Zo’n dier groeit in de twintig minuten in de ring vijf jaar. Het heeft zodoende de leeftijd bereikt waarop het sterven kan.’ En wat de heren vinden van mensen die tauromaquia willen verbieden? ‘Wanneer ze vlees eten, hebben ze eigenlijk geen been om op te staan. De toestanden in de slachthuizen zijn vaak erbarmelijk, en tijdens zijn leven heeft de vechtstier een bevoorrechte positie ten opzichte van zijn niet-vechtende collega’s.’ Zo blijkt dat in Mexico de training van een vechtstier vroeg begint en er eigenlijk uit bestaat dat het dier in relatieve vrijheid en rust groot kan worden. Ze worden jong geselecteerd op hun eigenschappen en in de bergen losgelaten, met voedsel en drinken op flinke afstand van elkaar waardoor het dier wel veel lichaamsbeweging moet krijgen. En, in tegenstelling tot Spanje, krijgt de Mexicaanse stier geen drugs ingespoten alvorens de arena te betreden, nog is hij op enigerlei wijze gehandicapt.

Erkenning dankzij de Stier

Wanneer een jager vroeger een stier doodde maar niet in staat was het naar huis te nemen, ontnam het zijn prooi een van de oren om later in staat te zijn de vangst te claimen. Dit in de praktijk geboren gebruik kent vandaag de dag een symbolische rol in de arena. Zo kan het namelijk gebeuren dat wanneer een stier en torero uitzonderlijk dapper vochten, het publiek dit aangeeft door te wuiven met witte zakdoeken. Is dit het geval, dan mag de torero één of zelfs twee oren meenemen van de overwonnen stier, als blijk van zijn moed. Een moed, die enkel getoond kon worden dankzij de moed van de stier, die zich vol overgave in het gevecht gestort heeft. Als deze er namelijk geen zin in had en zich  teruggetrokken had, was er ook geen roem te behalen geweest voor de torero. Hieruit blijkt hoe afhankelijk de torero is van zijn partner in het creëren van de kunst, waargenomen door de liefhebbers.  Een sport waarbij er één de dood vindt is zodoende slechts één kant van het verhaal, een kunst gecreëerd door twee een mogelijke andere.

Nieuwe Generatie

Alhoewel in ieder geval één krant in Mexico nog dagelijks een paar pagina’s wijdt aan tauromaquia en het sterven van een beroemd matador het tot de openingspagina van Yahoo Mexico schopt, lijkt het gebruik landelijk op zijn retour. ‘Je had het hier twintig jaar geleden moeten zien,’ zucht Ricardo, zijn ogen glijdend over de lege vlakte in het park Viveros, ‘toen krioelde het hier werkelijk van de torero’s. En kijk nu. Vier, vijf paartjes staan te oefenen.’ En inderdaad, veel mensen lijken er niet mee bezig op de late ochtend. ‘Het komt allemaal door de corruptie.’ Zo hoefde je vroeger als torero enkel voor de eerste confrontatie te betalen, terwijl je vandaag de dag elke keer de portemonnee mag trekken. ‘En dat werkt niet stimulerend.’ Zodoende zijn er slechts weinig in Mexico die daadwerkelijk van tauromaquia leven, de paar die het goed deden in de media en zodoende sponsoren vonden. Het merendeel doet het als hobby of komt slechts uit nostalgie naar de plaza in Viveros, in de hoop wellicht nog een student te vinden. Een student als Pepe (24 jaar), die tegen de wil van zijn vader, zelf matador, al op zesjarige leeftijd besloot dat tauromaquia zijn carrière zou worden. ‘Het is een levensritme, een gevaarlijke, moeilijke weg,’ aldus Pepe die sinds drie jaar zelf matador is. ‘Een vriend van mijn vader trainde me zonder diens toestemming en op mijn veertiende had ik mijn eerste confrontaties met stieren van zo’n 300 tot 350 kilo.’ Dat zijn vaders bezwaren niet onterecht waren, bleek wel toen Pepe op zijn zeventiende zwaargewond raakte doordat een stier de binnenkant van zijn dijbeen openhaalde. ‘Maar ik wilde terug. Ik miste de magie, de angst aan mijn zijde, het wakker liggen gedurende de nacht voor de confrontatie.’ En zo geschiedde, Pepe betrad de arena opnieuw en was te zien op grote podia in binnen- en buitenland. Hij verdiende veel geld, werd in weinig tijd beroemd en ‘had’ zelfs ‘vrouwen’. ‘Toen ik dat niveau bereikte, was ik eenzaam. Ik had alles, en had tijd nodig om in te zien waar ik het eigenlijk al die tijd voor had gedaan. Dus precies voor dat, wat mij ook weer deed beginnen na mijn verwonding.’ En zo reist Pepe’s ster enkel hoger aan het firmament van de geïnteresseerden en heeft hij nu plannen om een carrière te beginnen als matador in Spanje, waar matadors blijkbaar meer aanzien genieten. Over het wegkwijnen van tauromaquia in Mexico: ‘het ontbreekt de mensen aan  cultuur. Ze beschouwen tauromaquia niet als iets van zichzelf, zoals ze dat met voetbal wel doen. Als de media tauromaquia zo zou aankondigen als voetbal, wel, dan zouden de stadions weer vol komen te zitten.’

Noot van de auteur: Alle quotes en informatie zijn van de met naam genoemde inwoners uit Mexico Stad met wie ik drie gesprekken had op maandag 24, dinsdag 25 en vrijdag 28 januari 2011. Het doel was enkel hun kant van het verhaal te horen, uit nieuwsgierigheid.

Noot van de redactie: De afgelopen dagen is er aan ons gevraagd waarom we dit artikel gepubliceerd hebben. Als SevenTwenty willen wij naast wedstrijduitslagen, uitwerkingen van debatten en opinie over de debatsport, ook graag een inhoudelijk platform bieden waar debaters hun blik kunnen verruimen. In dit geval door een kant van het verhaal rondom stierenvechten te tonen, die in Nederland weinig aandacht krijgt. Wil jij ook iets ongebruikelijks delen met de debaters van Nederland? Aarzel dan niet om ook een artikel naar SevenTwenty@Debatbond.nl te sturen!

doorBionda Merckens

Esthethiek in de Arena: ‘Een stier kan je doden, maar de roem leeft voort.’ (I)

Waar de gemiddelde Nederlander – en zeker ook de gemiddelde Nederlandse wedstrijddebater – een sadistisch tijdverdrijf voor ogen zweeft wanneer hij denkt aan het stierenvechten, waant de ‘torero’ (verzamelnaam voor alle types stierenvechters) zich verwikkeld in een mythisch gevecht tegen het duister. Een duister dat niet zozeer bestreden wordt als wel de vorm aanneemt van een ‘intieme dans’. Matthijs Plak, een student filosofie die zich ver houdt van het wedstrijddebat, vertelt. Over God, moed en kunst in Mexico.

Kunst

‘Als je jezelf ontstijgt, wanneer je jezelf verlaat, creëer je kunst.’ Het is broeierig heet in de stilte van de middag. Slechts af en toe zijn de takken te horen in wier schaduw wij beschutting zochten. Naar rechts kijkend danst een nevel van zand over de breedte van de vlakte waar zojuist nog getraind werd door Armando, Ricardo, Germán en Thomas, samen goed voor meer dan honderd jaar ervaring in de arena. ‘Met sport heeft het weinig te maken. Eerder met kunst en religie.’ Ik ken ze nog geen vijf minuten en nu al is er plaats in de kring van ervaring. ‘Kijk,’ zegt Armando, ‘alle kunst en sport begon eigenlijk met ‘tauromaquia’ (stierenvechten). De eerste vormen van kunst die gevonden zijn, grotschilderingen van pakweg veertigduizend jaar geleden, beelden al de strijd tussen jager en gejaagde af. De jacht op bizons en ander groot wild vormde zo’n essentieel onderdeel van het leven, dat dit als inspiratiebron diende voor menig schildering.’ ‘En op zichzelf een kunst werd,’ voegt Ricardo toe, een sigaret rollende. Waaruit de kunst precies bestaat? Uit het vermogen te communiceren met het publiek, jezelf te ontstijgen in de arena en iets te creëren dat groter is dan jij, anders ook. Een diep gerommel los te maken in het publiek, in de vorm van een gedragen ‘Olé’ uit de kelen van de toeschouwers, die de ontwikkeling van de bewegingen over de jaren hebben waargenomen.

Religie

Maar tauromaquia als kunst is slechts het halve verhaal. Daarnaast bestaat nog de religieuze zijde die voor menigeen minstens even belangrijk is. ‘Al in de tijd van de Babyloniers werden er stierengevechten georganiseerd. De stier heeft altijd het duister verbeeld en dient dus overwonnen te worden ten overstaan van het volk.’ En niet alleen vroeger speelde religie een rol. Ook vandaag is het blijkbaar onmogelijk een foto te maken van alleen de torero in de arena. ‘Je hebt er altijd drie te pakken als je een foto van hem probeert te maken,’ kan Armando ons vertellen. ‘De matador, de stier en God.’ En ook het publiek is onderdeel van de spiritualiteit, daar zij een catharsis ondergaan in de waarneming van een gevecht op leven en dood. De beleving van Germán kan ook als religieus worden omschreven. ‘In de tijd van de Vikingen werd er soms recht gesproken op de volgende manier. De mensen tussen wie een dispuut bestond legden beiden een hand in het vuur. Degene die zijn hand als eerste terugtrok, loog. Nu, zo is het ook in de arena. Als je kunt blijven staan, weet je dat je in handen van God bent, dat niets je kan gebeuren.’

Honderdvijftig Procent

En om nog maar eens aan te geven dat tauromaquia daadwerkelijk meer is dan welke sport of andere kunstvorm ook, geeft Ricardo toelichting op de eigenschappen die een torero moet bezitten. ‘Tijdens een confrontatie in de arena heeft een torero vijfenzeventig procent moed nodig en vijfenzeventig procent vermogen tot voorbereiding. De moed is nodig om een aanval van de stier te weerstaan, je niet om te draaien en te rennen, maar zelfs een pas naar voren te maken op het moment dat vierhonderd en vijftig kilo vechtlust op je af dondert. Je voelt het in de grond, de trilling, het gedreun. Dan moet je boven jezelf uitstijgen, en het dier met techniek overmeesteren. En voor die techniek heb je heel veel training nodig, kracht, uithoudingsvermogen, vandaar de tweede helft van vijfenzeventig procent.’ Nu lijkt het ook Germán opgevallen te zijn dat twee maal vijfenzeventig meer dan honderd is en hij komt loom overeind van zijn stronk. ‘Jáááá zèg! Dat kan toch niet! Er zijn maar honderd procenten!’ ‘Juist daarom,’ antwoordden Ricardo en Armando, ‘tauromaquia is een kunst, je creëert meer dan de som van de delen.’ ‘Bovendien,’ kan Armando toevoegen, ‘de confrontatie met een stier is als de beklimming van de Everest. Zo zwaar!’ En dat lijkt Germán en Thomas wel te bevallen. Ze blijven knikken wanneer Ricardo de volgende uitspraak lanceert. ‘Een goede torero is als een legpuzzel. Geen stukje te veel, geen stukje te weinig. Alleen zo kun je boven jezelf uitstijgen.’

Lees woensdag het tweede deel van het artikel op SevenTwenty, om 16.00.