door Paul van der Kooij
© 2009 Het Haarlems Dagblad
Hoofddorp - Geert Wilders is gewaarschuwd. Er is een debater die hem aan kan. Zijn naam is Julius Lindenbergh. Dit raadslid van de Betrouwbare Partij in Haarlemmermeer maakte tijdens het NK debatteren grote indruk op bestuurslid van de (organiserende) Nederlandse debatbond, Victor Vlam.
Met zijn debatpartner Reinier de Adelhart Toorop verloor Lindenbergh afgelopen weekeinde weliswaar in de finale van de Amsterdamse studenten Rutger Vos en Salar al-Kafaji, maar hij werd wel uitgeroepen tot de beste individuele spreker van de voorrondes. En in een briefje bij een persbericht laat bestuurslid én jurylid Vlam weten ‘natuurlijk bereid te zijn om commentaar te geven op deze prachtige prestatie’.
Wat is zo sterk aan Julius, die al eerder grote debatwedstrijden won? ,,Dat hij hele complexe zaken simpel kan uitleggen. Zijn eigen standpunt vatte hij in twee minuten, heel kort en heel krachtig samen. Zo hield hij meer tijd over om heel gericht de zwaktes in het betoog van de tegenstander gericht aan te pakken.” En: ,,Als je hem hoort, denk je: zo simpel is debatteren eigenlijk.”
Vlam heeft Lindenbergh live aan het werk gezien als gemeenteraadslid: ,,In politieke partijen komt het vaak niet tot een serieus debat, maar wordt al snel een compromis gezocht. Julius durft te polariseren.”
Polariseren past volgens hem niet goed in de Nederlandse poldercultuur. Waar andere landen van oudsher een debatcultuur hadden, probeerden Nederlanders er eeuwenlang samen uit te komen op alle mogelijke terreinen. Hij ziet wel een kentering. Zo slaat de ene na de andere school aan het debatteren – met steun van debaters als Julius. Ook organiseert zijn bond steeds vaker wedstrijden waar ‘op hoog niveau wordt gedebatteerd’ over stellingen die een kwartier van tevoren zijn toegewezen aan de kandidaten.
Vorig jaar werd voor de tweede keer een Nederlands team wereldkampioen. En nog vaker wonnen landgenoten het Europees kampioenschap. Omdat nationale toppers niet altijd zo’n buitenlands reisje kunnen betalen, is de debatbond druk in overleg met mogelijke sponsors. Prestigieuze advocaten- en accountantkantoren en andere bedrijven mogen best wel wat over hebben voor goede debaters. Die debaters – ‘high potentials’ – komen nu nog vooral uit de hoek van studenten, net afgestudeerden als Julius en leden van politieke partijen (ook weer als Julius). Maar de bond wil het graag verbreden: ,,We hopen dat iedereen van 16 tot 80 wil meedoen. Daarom willen we middelbare scholen stimuleren om debattoernooien te organiseren, ook in Hoofddorp.”
Een goede debater heeft volgens hem een grote algemene kennis en bereidt zich voor door bladen als The Economist bij te houden. In een goed debat komt hij niet alleen goed voor zichzelf op, maar leeft hij zich ook in in de argumenten van een tegenstander en zijn achterban. ,,Toen een PvdA Kamerlid tegen Wilders zei dat hij een naïef en verwrongen wereldbeeld had, overtuigde hij niemand. Want als je het ook maar een beetje met Wilders eens bent, heb je dat dus ook. Evenmin werkte de truc die Ad Melkert bij Pim Fortuyn wilde toepassen – zeggen dat de aangedragen problemen niet bestaan. Mensen in het land zien die problemen namelijk wel.” Wat volgens Vlam beter werkt: ,,Toon sympathie voor de problemen die de Wilders-kiezers ervaren, maar val hem genadeloos aan op de doeltreffendheid van zijn oplossingen. Hem neerzetten als een radicaal of populist treft geen doel want mensen kijken daar doorheen. Ik denk dan ook dat veel politici de opkomst van Wilders mogelijk hebben gemaakt door slecht te opereren in het debat.”
Wie wil zien hoe Julius het doet, kan op donderdagen in het gemeentehuis terecht. Julius Lindenbergh.









